Wat wordt bedoeld met het 'onvergeschapen licht'?

Het onvergeschapen licht is een begrip uit de orthodoxe theologie dat verwijst naar het goddelijke licht dat Jezus uitstraalde bij zijn gedaanteverandering. Het is 'onvergeschapen' omdat het niet door God gemaakt is, maar Gods eigen werkelijkheid is. Het is geen natuurlijk of symbolisch licht.

De theologie van het onvergeschapen licht werd vooral ontwikkeld door Gregorius Palamas in de 14e eeuw. Hij onderscheidde Gods onkenbare wezen van zijn 'energieën': de manieren waarop God zich kenbaar maakt in de schepping. Het licht op de berg Tabor was zo'n energie, een echte ervaring van Gods aanwezigheid.

Dit begrip is belangrijk omdat het zegt dat mensen werkelijk deel kunnen hebben aan Gods leven, zonder dat God daarmee volledig kenbaar wordt. Het mysterie blijft, maar de ervaring is reëel. Het is geen metafoor, maar een ontmoeting.

In de westerse traditie is dit onderscheid minder bekend, maar het raakt aan een universele geloofservaring: momenten waarop het gewone leven doorzichtig wordt voor iets groters. Mystici in alle tradities beschrijven ervaringen van licht, warmte en overweldigende aanwezigheid.

Het onvergeschapen licht herinnert eraan dat geloof niet alleen een zaak van het verstand is, maar ook van ervaring. De christelijke traditie kent een rijke mystieke stroom waarin directe Godservaring centraal staat. Het licht op Tabor is daarvan het bijbelse fundament.

Categorie: Basis van het geloof