Deze vraag raakt aan een diep gevoel van ontoereikendheid. Veel mensen denken dat je een bepaald niveau van kennis, vroomheid of spirituele ontwikkeling nodig hebt om God te kunnen herkennen. Het Epifanieverhaal spreekt dat tegen.
De wijzen waren geleerden, maar het waren ook buitenstaanders. Ze kenden de joodse geschriften niet uit het hoofd. Ze volgden een ster, niet een theologisch handboek. Hun openheid en bereidheid om te zoeken was belangrijker dan hun voorkennis.
Jezus zelf zegt later dat het Koninkrijk van God toebehoort aan wie het ontvangt als een kind (Marcus 10:15). Dat gaat niet over naïviteit, maar over ontvankelijkheid. Je hoeft geen expert te zijn om iets van God te ervaren.
In de christelijke traditie wordt geloof beschreven als een gave, niet als een prestatie. Het is niet iets wat je verdient door hard genoeg te studeren of vroom genoeg te zijn. Het is iets dat je kunt ontvangen, als je je ervoor openstelt.
De vraag 'ben ik genoeg?' is herkenbaar en menselijk. Maar het evangelie draait die vraag om: het gaat niet om wat jij meebrengt, maar om wat je mag ontvangen. De wijzen kwamen met geschenken, maar het grootste geschenk was wat zij ontvingen.
Categorie: Geloof & leven