Gebrokenheid is dat het leven niet is zoals het bedoeld was. Het begrip beschrijft de werkelijkheid van pijn, onrecht, ziekte en dood die deel uitmaken van het menselijk bestaan. In de christelijke theologie is gebrokenheid het gevolg van de zondeval: de verstoring van de oorspronkelijke harmonie tussen God, mens en schepping.
Het christelijk geloof erkent gebrokenheid én wijst op herstel. Gebrokenheid is niet iets dat ontkend of wegverklaard hoeft te worden. Het Bijbelse verhaal begint met een goede schepping (Genesis 1-2), gevolgd door een breuk (Genesis 3). De rest van de Bijbel vertelt het verhaal van Gods plan om die breuk te helen. Gebrokenheid is zichtbaar in persoonlijk lijden, in verstoorde relaties, in maatschappelijk onrecht en in de kwetsbaarheid van de schepping.
Categorie: Kern van het geloof